Wat te doen en zien in de Okavango Delta?
Stel je een rivier voor die 1.700 kilometer lang is en dan gewoon stopt. Geen zee, geen kust. Het water van de Okavango stroomt vanuit de bergen van Angola richting het zuidoosten, spreidt zich uit over een vlakte in het noorden van Botswana en verdampt vervolgens in de lucht van de Kalahari.
Dat is de Okavango Delta: een van de grootste binnenlandse delta’s ter wereld, en misschien wel het vreemdste stukje water op het Afrikaanse continent. Midden in een woestijn ligt een moeras. En in dat moeras zit ongeveer alles wat je op een safari wil zien.
Top tips van ons team
- Tussen juni en augustus staat het water het hoogst
- Moremi is het beste gebied voor wilde honden en luipaarden
- Combineer een mokoro-tocht met een game drive op het vaste land
- Draag lange kleding na zonsondergang, de delta is malariagebied
Waar ligt de Okavango Delta?
De delta ligt in het noordwesten van Botswana, in de regio Ngamiland, aan de rand van de Kalahari. En dat is precies wat het zo bijzonder maakt. Rondom is het land kurkdroog, maar in het midden staat het water tot je knieën.
Je reis begint in Maun. Dit is ook wel de toeristische hoofdstad van Botswana en een goede uitvalsbasis om de Okavango Delta, Chobe National Park, de Makgadikgadi Pans of het Moremi Game Reserve te bezoeken. Je hoort er alle talen door elkaar. Onderweg vanaf de luchthaven steken geiten gewoon de weg over, en niemand kijkt daarvan op.
Vanaf hier heb je twee opties. Je rijdt in een paar uur naar Moremi Game Reserve, met je 4×4 en je tent op het dak. Of je stapt in een klein toestel en bent binnen twintig minuten bij een kamp diep in de delta, op een eilandje dat je alleen door de lucht kunt bereiken. Dat laatste is meteen je eerste hoogtepunt: je ziet de kanalen zich onder je uitspreiden nog voordat je geland bent.
Het water dat een halfjaar onderweg is
Het water in de delta komt niet uit Botswana. Het valt als regen in de hooglanden van Angola, ergens tussen december en februari. Daar heet de rivier nog de Cubango. Het water zakt af, wordt in Namibië de Kavango en komt uiteindelijk als Okavango het noorden van Botswana binnen. Die reis duurt maanden.
Het resultaat is een omgekeerde wereld. Precies wanneer het in Botswana het droogst is, treedt de rivier buiten zijn oevers en loopt de delta vol. Juli is een woestijnmaand met hoogwater.
En de delta groeit ervan. Afhankelijk van de vloed schommelt het gebied tussen ongeveer 6.000 en 15.000 vierkante kilometer, wat betekent dat de delta zich elk jaar bijna verdrievoudigt. Wat in mei een kanaal is, is in november een grasvlakte waar antilopen staan te grazen. Je bezoekt dus nooit twee keer dezelfde delta.
Onze accommodatie in de delta moet zichzelf ook regelmatig verplaatsen om die reden. Het natuurgeweld houdt daar geen rekening mee. Omdat er langs de rivier vrijwel geen industrie ligt, is het water zo schoon dat je het gewoon kan drinken.
Wat te doen in de Okavango Delta
De delta geeft je drie totaal verschillende perspectieven, en het mooiste is dat je ze in één trip kunt combineren.
Over het water ga je in een mokoro of een kleine motorboot. Je zit dan op ooghoogte met nijlpaarden en vaart tussen het riet door, zo stil dat de vogels niet eens opvliegen.
Over land rijd je in een open 4×4 door Moremi. Je gaat van dichte bossen naar open vlaktes en soms dwars door het water, waarbij het tot halverwege je deuren komt. Dit is waar je de olifanten, leeuwen en wilde honden vindt.
De lucht in doe je met een klein vliegtuigje vanuit Maun. Pas van bovenaf zie je het complete patroon van kanalen, lagunes en duizenden palmeilandjes, en snap je hoe groot dit gebied echt is.
Elk van die drie geeft je een ander gevoel bij dezelfde plek. Doe ze allemaal en je hebt de delta gezien zoals de delta bedoeld is.
Bekijk ook onze avontuurlijke reizen door Botswana als je wil weten hoe je dit combineert met Chobe en de zoutpannen.
Met de mokoro tussen de waterlelies
Een mokoro is een lange, smalle kano die je gids vanuit het achterste puntje voortduwt met een stok. Traditioneel werd hij uitgehold uit een boomstam, meestal ebbenhout of worstboom. Nu zijn de meeste mokoro’s van glasvezel, zodat de oude bomen in de delta blijven staan. Ze varen precies hetzelfde en gaan een stuk langer mee.
Je zit laag. Heel laag. Je heupen bevinden zich ongeveer op waterniveau, waardoor het riet boven je uittorent en je door groene gangen glijdt die nauwelijks breder zijn dan de boot zelf.
Het geluid is wat je bijblijft. Het zachte plonzen van de stok, kikkers, een vogel die je niet kunt plaatsen.
Ergens onderweg duwt je gids je een open stukje water op, met hier en daar een waterlelie tussen het riet. Kijk vooral ook omlaag: het water is zo helder dat je de bodem ziet, en tussen de bladeren zitten kikkertjes ter grootte van je duimnagel.
Op safari in Moremi Game Reserve
Moremi Game Reserve is het enige officieel beschermde deel van de delta en beslaat ongeveer 5.000 vierkante kilometer aan de oostkant. Het werd in 1963 opgericht en is bijzonder omdat het initiatief van de lokale Batawana zelf kwam, die zich zorgen maakten over de teruglopende wildstand. Daarmee was dit een van de eerste keren in Afrika dat een gemeenschap zelf land beschermde. Het reservaat is vernoemd naar hun leider, Chief Moremi III.
Slechts zo’n 30 procent van Moremi is vast land, de rest ligt in de delta zelf. Daardoor verandert het landschap hier constant. Het ene moment rijd je door bos, tien minuten later sta je aan de rand van het water met reigers en zeearenden in de bomen. Je rijdt nooit lang met hetzelfde uitzicht.
Chief’s Island is het grootste eiland in de delta en staat bekend om zijn hoge dichtheid roofdieren. Rond Xakanaxa liggen de lagunes waar je de beste vogelmomenten hebt. Rijd je zelf, dan heb je een 4×4 met hoge luchtinlaat nodig en wat ervaring in diep zand. Precies dat maakt de rit ook zo leuk.
De delta vanuit de lucht
Vanuit Maun bieden verschillende maatschappijen scenic flights aan met kleine toestellen, meestal een Cessna voor vijf of zes passagiers. Je vliegt laag, rond de 150 meter, en dat is precies het punt.
Vanaf de grond is de delta een reeks losse beelden: een kanaal, een eiland, een kudde. Vanuit de lucht klikt het geheel in elkaar. Je ziet het watersysteem zich uitspreiden als de aderen van een blad, met duizenden palmeilandjes erin. Veel van die eilandjes zijn ontstaan rond een termietenheuvel, waarna een palmzaadje in olifantenmest de rest deed.
Je ziet ook de olifantenpaden. Kilometerslange lijnen door het gras die generaties oud zijn.
Vraag om een plek bij het raam en zet je camera op een korte sluitertijd, want je vliegt sneller dan het landschap doet vermoeden.
De dieren van de Okavango Delta
Het water trekt alles aan. In het droge seizoen verzamelen zich rond de delta ongeveer 260.000 zoogdieren.
Olifanten zie je hier het vaakst, en dat is geen toeval: Botswana heeft de grootste populatie van Afrika. Vaak steken ze het water over, met alleen hun slurf als snorkel boven de oppervlakte. Nijlpaarden houden de diepere kanalen open door er simpelweg door te ploeteren, wat de delta letterlijk in vorm houdt. En nijlkrokodillen liggen op de zandbanken alsof ze van steen zijn, tot ze dat plotseling niet meer zijn.
Minder bekend maar overal aanwezig is de rode lechwe, een antilope met langere achterbenen die daardoor razendsnel door ondiep water sprint. Verder zitten hier leeuwen, luipaarden, cheeta’s en een van de beste populaties Afrikaanse wilde honden ter wereld.
Voor vogelaars: meer dan 400 soorten. De Afrikaanse zeearend met zijn kreet die elke Afrika documentaire opent, en het lelieloopertje dat over waterleliebladeren rent zonder te zinken.
Beste reistijd voor de Okavango Delta
Kort antwoord: juni tot augustus. Hoogwater, weinig muggen, comfortabele temperaturen en dieren die zich rond het water verzamelen.
Iets langer antwoord. Van juni tot augustus staat het water hoog, wat de beste periode is om te kanoën. September en oktober worden warm, soms boven de 35 graden, en juist daardoor concentreren de dieren zich nog verder rond het water. Wie op zoek is naar de grootste kuddes en de meeste actie bij de drinkplaatsen, zit dan goed.
November tot maart is regenseizoen en een compleet ander seizoen. Het landschap wordt groen, trekvogels arriveren met duizenden en overal worden jongen geboren. De waterstand in de delta is dan laag, waardoor je meer op vast land zit en minder op het water. Voor vogelaars en fotografen is dit het rijkste moment van het jaar.
Let wel op de ochtenden. Ook in de warme maanden is een game drive om zes uur in een open auto fris. Neem dus genoeg warme kleding mee.
Praktische informatie
Visum: Met een Nederlands of Belgisch paspoort heb je geen visum nodig voor een verblijf tot 90 dagen. Je paspoort moet bij aankomst nog minstens zes maanden geldig zijn en twee lege pagina’s hebben.
Toeristenbelasting: Botswana heft sinds 2025 een Tourism Development Levy die je bij aankomst betaalt. Check de actuele bedragen voor vertrek.
Gezondheid: De delta is malariagebied, met het hoogste risico in het regenseizoen. Maak ruim voor vertrek een afspraak bij de GGD of een vaccinatiecentrum voor persoonlijk advies. Vaccinaties zijn niet verplicht, DTP en hepatitis A worden wel aangeraden. Lodges in de delta hebben muskietennetten.
Vervoer: Maun International Airport is je startpunt, meestal via Johannesburg of Kaapstad. Binnen de delta gaat alles per bushvlucht, boot of 4×4.
Rijden: Zelf rijden in Moremi vraagt om wat ervaring. Je krijgt te maken met diep zand en stukken waar je door het water moet. Plan je dagen zo dat je voor zonsondergang op je camp bent.
Kamperen: De campsites in Moremi liggen midden in het reservaat, zonder omheining. Boek ver vooruit, want in het hoogseizoen zijn ze maanden eerder al vol.
Jouw Okavango-avontuur met Botswana Nomads
Wil je de delta zien zonder dat iemand je route bepaalt? Met Botswana Nomads zie je Botswana in tien of elf dagen met je eigen 4×4 en daktent op het dak.
Je rijdt in een Suzuki Jimny, automatisch en volledig uitgerust met kampeermateriaal. De daktent klap je in een paar minuten uit en heeft een tweepersoons matras, warme slaapzakken en kussens. Je slaapt dus letterlijk boven op je auto, met alleen tentdoek tussen jou en de sterrenhemel.
De route start in Maun, en je bezoekt hoogtepunten als de Makgadikgadi Pans, Chobe National Park en de Victoria Falls in Zimbabwe. Onderweg kampeer je midden in de natuur en klap je aan het einde van elke middag je tent uit op de meeste bijzondere plekken.
Je gaat zelf op pad, maar nooit onvoorbereid. Je krijgt een roadbook en app waarin per dag staat wat je kunt verwachten, met tips voor onderweg. Daarnaast zit je in een groepsapp met de andere reizigers en iemand van Travelbase, die dagelijks updates deelt en je vragen beantwoordt. Vrijheid met een vangnet, zeg maar.
Deze roadtrip doe je altijd met twee personen, dus haal je reisgenoot erbij en bekijk de volledige route en vertrekdata bij Botswana Nomads.